Inleiding.
Griep of influenza is een infectieziekte van de luchtwegen die wordt veroorzaakt door het influenzavirus. In het dagelijks taalgebruik worden allerlei ziekten waarbij verkoudheid, hoesten en koorts optreden griep genoemd, maar hierbij gaat het meestal om een gewoon verkoudheidsvirus. De informatie in deze folder gaat uitsluitend over de griep die veroorzaakt wordt door het influenzavirus.
Griep kan de volgende symptomen geven: hoge koorts, koude rillingen, hoofdpijn, heftige spierpijn, vermoeidheid en keelpijn.
Risicogroepen.
Sommige mensen lopen meer risico om ernstig ziek te worden door influenza, dit komt omdat zij behoren tot een risicogroep.
Risicogroepen bij influenza zijn mensen van: 60 jaar en ouder, met een longziekte, suikerziekte, nierziekte, hart- en vaatziekte, of met een verminderde weerstand (door een medische behandeling).
Diagnostiek.
Om vast te stellen dat u griep heeft wordt er door middel van een wattenstok een uitstrijkje afgenomen van achter in de neus.
Extra maatregelen bij opname
Influenza kan worden verspreidt door hoestdruppeltjes (niezen, hoesten) maar ook via voorwerpen zoals deurknoppen, toetsenborden en telefoons. Wanneer u het virus inademt of het virus via de handen in de neus of mond krijgt, raakt u besmet.
Om verspreiding in het ziekenhuis te voorkomen, wordt een aantal extra maatregelen genomen:
- Mensen die verdacht- of positief gekweekt zijn worden in druppelisolatie verpleegd op een eenpersoonskamer. Wanneer meerdere patiënten op de afdeling dezelfde variant griep heeft kan er voor gekozen worden om te cohorten.
- Bij het betreden van de kamer wordt er door medewerkers en bezoek een mondneusmasker gedragen.
- Zowel bij het betreden als verlaten van de kamer worden de handen gedesinfecteerd met handalcohol. Deze is te vinden boven het aanrechtje op uw kamer.
- Bij uitzondering of onderzoek elders in het ziekenhuis mag u de kamer verlaten mits goede handhygiëne en hoest/nies discipline. U draagt bij het verlaten van de kamer een mondneusmasker.
Op de deur van uw kamer wordt een isolatiekaart opgehangen waarop medewerkers, patiënten en bezoekers kunnen zien welke extra maatregelen ze moeten treffen
![]()
Wat kunt u zelf doen?
Om verspreiding te voorkomen kunt u zelf, als patiënt, de volgende maatregelen treffen:
- Hoest of nies in de binnenkant van de elleboog of houd een zakdoek voor de mond.
- Gebruik papieren zakdoekjes die meteen weggegooid worden.
- Was de handen na hoesten, niezen of snuiten.
Einde isolatiemaatregelen.
Indien er geen symptomen meer zijn worden de extra isolatiemaatregelen gestopt.Wanneer u naar huis gaat, kunt u bovenstaande maatregelen “wat kunt u zelf doen” volgen.