Bij de combinatietest bepalen we de kans op een kindje met het Downsyndroom, maar ook het syndroom van Edwards en Patau, door middel van bloed- en echoscopisch onderzoek. Indien we bij de test een verhoogd risico vaststellen, komt u in aanmerking voor nader (bloed)onderzoek.

De combinatietest bestaat uit een nekplooimeting én een vroege bloedtest. De bloedtest doen we in de periode tussen 9 en 11 weken van uw zwangerschap. De nekplooimeting voeren we uit bij uw kindje. Dit doen we middels een echo die we maken tussen 11 en 14 weken van uw zwangerschap. De combinatietest berekent, nauwkeuriger dan de afzonderlijke testen alleen, de kans of uw kind het Downsyndroom zal hebben. De uitslag krijgt u direct na het echoscopisch onderzoek van de nekplooimeting.