De couveuseafdeling

Je kleine broertje of zusje ligt in het ziekenhuis in de couveuse en mag daarom niet naar huis. De baby ligt in het ziekenhuis want het is nog heel erg klein. Als je op bezoek wilt moet je in deze kamer zijn.

De baby ligt in een couveuse. Dat is een glazen kast met daarin een bedje waarin de baby past. In de glazen kast zitten openingen waar je handen door kunnen om de baby te verzorgen. Zo kan je de baby aanraken en blijft hij lekker warm.

De verpleegkundige zorgt voor de baby. De dokter komt vaak kijken hoe het met de baby gaat. Hij wil graag dat het beter wordt en dat het groeien gaat. De baby mag de couveuse uit als papa of mama buidelen gaan. Het ligt dan met een dekentje over heel dicht tegen papa of mama aan. Maar ook als het eten krijgt of in bad gaat. 

Op de buik zitten plakkertjes met daaraan vast een draad. Dan kun je op de computer zien hoe vaak z'n hartje klopt. De baby heeft ook een bandje om de voet. Daarin zit een rood lampje, dat de zuurstof in het bloed meet. Soms heeft de baby in elk neusgat een sprietje waar zuurstof doorheen kan. Zo door de neus naar de longetjes, zodat het beter ademhalen kan. In de neus zit de sonde, dit is een plastic slangetje. Daar gaat de melk voor de baby door, omdat het zelf niet drinken kan. Dat is wel handig hoor!

Soms heeft de baby een slangetje dat vastgeprikt is in een arm of been. Een grote pomp pompt dan daar een medicijn doorheen. Soms wordt een baby een beetje geel maar dat is niet zo'n ramp. Het ligt dan gewoon een tijdje met een brilletje onder een blauwe lamp.

Als de baby groter wordt is de couveuse te klein. Dan mag het in een wiegje. De baby wordt elke dag gewogen in zijn blootje op de weegschaal, zo kun je zien of het gaat groeien. Als de baby goed groeit, niet ziek meer is en zelf kan drinken is de dokter tevreden en mag de baby naar huis.