U komt naar het ziekenhuis om een CT-colonografie te laten maken. Dit is een onderzoek van uw dikke darm met behulp van de CT (Computer Tomografie). In deze folder leest u wat het onderzoek inhoudt, hoe het wordt uitgevoerd en hoe de voorbereiding op dit onderzoek verloopt.

Doel van dit onderzoek

Met behulp van de CT kunnen we organen, bloedvaten, botten en overige weefsels in de buik in beeld brengen. Bij u wordt de CT gebruikt om een driedimensionaal beeld te krijgen van uw dikke darm (het colon).

De voorbereiding op het onderzoek
De dag voor het onderzoek
  • Voor dit onderzoek is het noodzakelijk dat de dikke darm van binnen schoon is. Daarom volgt u de dag voor het onderzoek een vezelarm dieet. Richtlijnen voor dit dieet vindt u achterin deze folder.
  • Naast het vezelarm dieet, neemt u de dag voor het onderzoek drie keer 50 ml. Telebrix in. Dit is een vloeibaar röntgencontrastmiddel dat de darmen goed zichtbaar maakt. U moet dit ‘puur’ gebruiken. Eventueel mag u er een klein scheutje limonadesiroop in doen voor u het opdrinkt.
  • De voorbereiding ziet er kort samengevat dus als volgt uit:
    • Ontbijt:                         vezelarm dieet + 50 ml. Telebrix
    • Lunch:                          vezelarm dieet + 50 ml. Telebrix
    • Avondmaaltijd:             vezelarm dieet + 50 ml. Telebrix

Volg de voorbereiding die in deze folder beschreven staat nauwkeurig. Zonder goede voorbereiding kan het onderzoek niet doorgaan.

Let op:
• In de bijsluiter staat vermeld dat u Telebrix met 950 ml water moet aanlengen.
  Dit moet u niet doen. Het is de bedoeling dat u de Telebrix 'puur' opdrinkt.

• Telebrix veroorzaakt bij veel patiënten diarree. Zorg dat u tijdens de 
  voorbereiding in de buurt van een toilet bent.

De dag van het onderzoek
  • U neemt ’s morgens een vloeibaar dieet (voor het vloeibare dieet maakt u een keuze uit de vloeibare toegestane producten die genoemd worden in het vezelarme dieet achter in deze folder) en nog een keer 50 ml Telebrix. Neem de Telebrix minstens anderhalf uur voor het onderzoek in.
  • Telebrix kan diarree veroorzaken. Daarom kunt u het middel op de dag van het onderzoek ook in het ziekenhuis innemen. U moet dan wel minimaal anderhalf uur voor uw afspraak in het ziekenhuis aanwezig zijn. Als dat betekent dat u voor 07.30 uur in het ziekenhuis bent, kunt u zich met uw afspraakbevestiging melden bij de balie van de Spoedeisende Hulp (SEH). U kunt dan het laatste flesje Telebrix innemen in de wachtkamer van de SEH. Daar is ook een toilet aanwezig. Vanaf 07.45 uur is een medewerker van de afdeling Radiologie aanwezig.
  • Het kan handig zijn om een T-shirt of hemd mee te nemen voor het onderzoek.
  • Wanneer u door de huisarts naar ons bent doorverwezen, breng dan op de dag van het onderzoek de brief van uw huisarts mee.
  • Heeft u hulp nodig bij het aan- en uitkleden? Dan vragen wij u zelf iemand mee te nemen die u hierbij kan helpen.
     
Meld de volgende zaken voor het onderzoek

In verband met eventuele bijwerkingen en (zeldzame) complicaties, die kunnen optreden bij toediening van jodiumhoudend contrast, is het van belang dat u voor het onderzoek de volgende zaken meldt als ze op u van toepassing zijn:

  • U heeft ongunstig gereageerd op een eerdere injectie met jodiumhoudende contrastmiddelen.
  • U lijdt aan ernstige overgevoeligheidsziekten van huid of luchtwegen (allergische aandoeningen).
     

Meld het ook voor het onderzoek als u zwanger bent of denkt te zijn.

Geneesmiddelen tijdens de voorbereiding
  • Geneesmiddelen mogen volgens normaal schema worden ingenomen.
  • Omdat de voeding tijdens de voorbereidingsperiode sneller door de darm gaat dan normaal, worden sommige medicijnen (waaronder de anticonceptiepil) niet goed opgenomen in het bloed. De werking kan hierdoor veranderen.
  • Als u diabetes (suikerziekte) hebt, overleg dan met uw behandelend arts over de voorbereiding op het onderzoek. De verandering van het eetpatroon kan uw glucosespiegel ontregelen, waardoor ook de behoefte aan medicijnen verandert.
     
Verloop van het onderzoek

Meld u in het ziekenhuis op de afdeling Radiologie (route 32). Tijdens het onderzoek ligt u op een smalle tafel. De laborant  brengt eerst een dun slangetje in uw anus. Vervolgens krijgt u een injectie in een ader in de elleboogsplooi met Buscopan. Dit is een middel dat de darmbeweging kortdurend vermindert. U merkt zelf niks van het effect op de darm.

Via het slangetje in de anus wordt koolzuurgas in de darm geblazen. Wij vragen dan aan u om op uw zijde en op uw rug te draaien. Terwijl u op uw rug en op uw buik ligt worden er scans gemaakt.

Het kan zijn dat u, tijdens de scan op de rug, een injectie met jodiumhoudend contrastmiddel in een ader in de elleboogsplooi krijgt toegediend.

Nadat de twee scans zijn gemaakt, is het onderzoek klaar. Het slangetje wordt verwijderd uit uw anus. Hierna kunt u naar het toilet gaan om het koolzuurgas kwijt te raken. Daarna kunt u zich weer aankleden.

Het onderzoek duurt ongeveer 40 minuten.

Meer informatie over een CT-onderzoek vindt u in de folder ‘Algemene informatie CT-onderzoek’.

Na het onderzoek
  • Door het gebruik van Buscopan kunt u tijdelijk iets minder scherp zien. Hierdoor kunt u het eerste uur na het onderzoek niet autorijden.
  • Drink na het onderzoek extra veel. De jodiumhoudende contrastvloeistof onttrekt water aan het lichaam.
  • Een jodiumhoudend contrastmiddel kan invloed hebben op laboratoriumuitslagen. Wij raden u daarom aan de eerste 24 uur na het onderzoek geen bloed te laten afnemen als dit contrastmiddel bij u is toegediend.
     
Vragen?

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, stel die dan voor aanvang van het onderzoek of neem, tijdens kantooruren, contact op met de afdeling Radiologie via tel. (0512) 588 814.

Verhinderd

Als u plotseling verhinderd bent, geef dit dan zo snel mogelijk door aan de afdeling Radiologie. In uw plaats kunnen wij dan een andere patiënt onderzoeken. U kunt meteen een nieuwe afspraak maken.

Het dieet

Het dieet, ter voorbereiding op het onderzoek, start één dag voor het onderzoek en bestaat uit vezelarme voeding. Deze voeding zorgt ervoor dat het contrastmiddel Telebrix zich goed door de darminhoud verspreidt.

Een vezelarm dieet
  • Het uitgangspunt van het dieet is dat vezels en vezelachtige bestanddelen in voeding beperkt worden.
  • Veel voedingsmiddelen bevatten noten, zaden of grove vezels. Kies niet voor deze producten, maar neem een naturel variant.
  • Groenten en fruit bevatten veel vezels. Deze zijn dus maar met mate toegestaan.
  • Zorg ervoor dat u voldoende drinkt (minimaal 10 tot 12 glazen per dag).
  • Na de avondmaaltijd op de dag voor het onderzoek mag u alleen nog maar een vloeibaar dieet gebruiken, bestaande uit de toegestane dranken en bouillon. Dit mag u blijven doen tot anderhalf uur voor het onderzoek.
     
Wat u mag eten


Graanproducten
• Wit brood, beschuit, toast (naturel)
• Witte rijst, pasta (bijvoorbeeld spaghetti of macaroni)
• Pannenkoeken
• Custardpap, lammetjespap (rijstebloempap)

Groenten en fruit
• Aardappelen
• Gaar gekookte groenten, zoals wortelen, bloemkool, witlof, andijvie en spinazie
• Vers fruit, mits goed rijp, geschild en zonder pitten, zoals appel, banaan, peer 

Vlees, vis en gevogelte
• Alle soorten vlees, vis en kip

Soepen
• Bouillon
• Soepen met stukjes vlees/kip, soepballetjes, vermicelli, macaroni en rijst

Beleg
• Boter, halvarine en margarine
• Kaas
• Vleeswaren
• Alle zoete beleg (behalve pindakaas, marmelade en jam met stukjes fruit)
• Eieren
• Suiker
• Vlees, kip en vis

Dranken
• Vruchtensap zonder vruchtvlees
• Frisdranken
• Thee en koffie
• Mineraalwater
• Melk en melkproducten (zonder stukjes fruit en vezels)
• Alcoholische dranken

Tussendoortjes
• Chocolade (zonder nootjes)
• Snoep
• IJs
• Cake (geen koekjes)

Smaakmakers
• Zout, peper, paprikapoeder, nootmuskaat, kaneel, peterselie
• Mosterd
• Ketchup
• Groene kruidenmixen

Wat u niet mag eten


Graanproducten
Alle volkoren graanproducten:
• Bruin-, volkoren- en roggebrood
• Tarwe- en maïszemelen
• Muesli
• Volkoren- en meergranenpasta’s
• Havermoutpap
• Zilvervliesrijst

Groenten
• Vezelige groenten, zoals asperges, bleekselderij, zuurkool, snijbonen, sperziebonen, prei, doperwten, peulvruchten, taugé, maïs, champignons, tomaten, rauwkost, ui, knoflook

Fruit
• Onrijp fruit
• Sinaasappel, grapefruit, mandarijn, ananas, mango, kiwi
• Gedroogde (zuid)vruchten zoals dadels, vijgen, pruimen, krenten, rozijnen, kokos

Noten en zaden
• Alle soorten noten
• Alle pindasoorten
• Sesamzaad, maanzaad, zonnebloempitten

Overige producten
• Scherpe specerijen, popcorn