Inleiding

Bij u is een oppervlakkige blaastumor vastgesteld. Deze wordt verwijderd door middel van een trans-urethrale resectie. Dit betekent dat de operatie via de plasbuis uitgevoerd wordt. Resectie betekent weghalen. 

Op de operatiekamer krijgt u een katheter ingebracht, eventueel met spoeling als het wondgebied bloederig is. De katheter geeft de wond rust zodat deze kan genezen.

Na de ingreep krijgt u een blaasspoeling met Mitomycine om eventuele achtergebleven tumorcellen te bestrijden of te voorkomen.

Voorbereiding

U krijgt de blaasspoeling met Mitomycine na de operatie, als de tumoren zijn verwijderd. De eerste blaasspoeling krijgt u binnen 4 tot 6 uur nadat u uit de operatiekamer komt. De spoeling vindt plaats op de verpleegafdeling. Of u met deze spoeling start hangt af van de bevindingen van de uroloog tijdens uw operatie. De volgende blaasspoelingen vinden plaats op de polikliniek Urologie.

Drinkt u op de ochtend van de blaasspoeling niet te veel en neemt u eventuele plastabletten niet  in. Het is belangrijk dat er bij een spoeling zo weinig mogelijk urine in de blaas komt. Het medicijn wordt anders te veel verdund en dat vermindert een goede inwerking van de Mitomycine op de blaaswand.

Procedure

De Mitomycine spoeling wordt door de blaaskatheter ingebracht en heeft een uur nodig om zijn werk te doen. Bij dit proces wordt de katheter tijdelijk omhoog gehangen. Het kan voorkomen dat de spoeling de blaaswand irriteert. Dit kan gevoelig zijn. U kunt hiervoor een pijnstiller vragen. Als dit niet afdoende is en u ervaart veel druk op de blaas, stel dan altijd de verpleegkundige hiervan op de hoogte. De katheterzak wordt dan afgehangen, zodat de spoeling met de urine kan aflopen. 

Nazorg

De Mitomycine spoeling moet een uur in de blaas blijven zitten. De spoeling loopt hierna terug in het katheterzakje. De katheter blijft zitten tot de volgende ochtend en wordt dan verwijderd. Na het verwijderen van de katheter moet u zittend plassen op de daarvoor bestemde wc. We vragen u om twee keer door te spoelen met gesloten deksel.

Na het plassen moet u uw handen en genitaliën goed wassen. Als u urine morst of als uw huid in aanraking komt met urine moet u de omgeving goed reinigen met water en zeep. U moet ervan uitgaan dat de reste van de spoeling gedurende 48 uur in uw urine aanwezig zijn.

Het is belangrijk dat u tenminste 2 liter per dag drinkt (geen alcohol in verband met de bloedverdunnende werking). Dit is goed voor de doorspoeling van de blaas en kan voorkomen dat zich bloedstolseltjes vormen. Tot twee weken na de spoeling mag u geen seksuele gemeenschap hebben.

Bijwerkingen
  • Vaker aandrang om te plassen.
  • Pijn of branderig gevoel in de blaas of plasbuis.
  • Moeite met ophouden van urine.
  • Bloed- en weefseldeeltjes in de urine. Houdt het bloedverlies meerdere dagen aan (de urine is dan donkerrood), neem dan contact op met uw uroloog.
  • Rode verkleuring van de huid en jeuk op handen, voeten en genitaliën. Licht altijd uw uroloog in, het kan een allergische reactie zijn

 

De eerste twee dagen kunnen de klachten aanhouden, daarna moet het beter worden. Wanneer u klachten houdt, dient u contact op te nemen met uw uroloog.

Controle

Om het effect van de spoeling te controleren, kijkt de uroloog in het eerste jaar na de verwijdering van de tumoren regelmatig in uw blaas (cytoscopie). Naast de cytoscopie controleert de uroloog regelmatig de urine op eventuele blaasontsteking en tumorcellen. Zijn er na een jaar geen tumoren teruggekomen, dan is de kans toegenomen dat u tumorvrij bent. Maar ook na jaren kunnen tumoren opnieuw verschijnen. Het aantal keren dat de uroloog in de volgende jaren uw blaas controleert wordt met u afgesproken.

Tot slot

Deze brochure is bedoeld als algemene voorlichting en geeft extra informatie naast het gesprek met uw behandelend arts. Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt u op werkdagen contact opnemen met de afdeling urologie, tel (0512) 588 811.