Prostaatkanker - Prostaatkanker en inwendige radiotherapie

Gelokaliseerde prostaatkanker

Bij u is prostaatkanker geconstateerd. Het kwaadaardig gezwel is beperkt tot de prostaat. Door onderzoeken zijn er (waarschijnlijk) geen aanwijzingen gevonden voor doorgroei buiten het kapsel van de prostaat, of voor uitzaaiingen op andere plaatsen in het lichaam. We spreken dan van een “gelokaliseerd” prostaatcarcinoom. Er kan daarom een behandeling worden uitgevoerd met de bedoeling u volledig te genezen.

Radiotherapie is de behandeling van kanker door middel van straling met als doel de kankercellen te doden.

Inwendige bestraling van de prostaat is voor sommige patiënten geschikt, namelijk bij patiënten met een tumor  in een vroeg stadium, een lage psa waarde (<15) en een gleasonscore gelijk of lager dan 6.

Inwendige bestraling is niet geschikt voor mannen met een te grote prostaat of die eerder een trans urethrale prostaatweefselverwijdering (TURP/Millin) hebben gehad en minder geschikt voor mannen die plasklachten hebben. Mogelijk is inwendige bestraling niet geschikt voor jongere mannen. Bij inwendige bestraling is er geen weefsel onderzoek nodig.

Inwendige radiotherapie

Inwendige radiotherapie wordt ook wel “brachy therapie” genoemd. Brachy therapie is het bestralen van een tumor met behulp van een radioactieve bron die wordt aangebracht in de directe omgeving van het te bestralen doelwit. In geval van prostaatkanker worden er radioactieve (jodium 125) bronnetjes/zaadjes in de prostaat geïmplanteerd.

De uroloog gaat u voor deze behandeling doorverwijzen naar het Radiotherapeutisch Instituut Friesland (RIF) naast het Medisch Centrum Leeuwarden.

Voorbereiding

De radiotherapeut-oncoloog heeft eerst een gesprek met u en zal onderzoek (laten) doen.

Er wordt een echografie gemaakt om vast te stellen of u geschikt bent voor deze behandeling en om aan de hand van deze echobeelden te bepalen hoeveel bronnetjes noodzakelijk zijn om in te brengen. Ook kan aan de hand van deze beelden een voorlopig plan worden gemaakt over de plaatsing van de naalden en de verdeling van zaadjes over de prostaat. Soms blijkt dat de prostaat niet geschikt is voor brachy therapie, bijvoorbeeld omdat de prostaat te groot is of de vorm van de prostaat niet geschikt is.

De implantatie

Het implanteren van de bronnetjes gebeurt onder algehele narcose. Eerst wordt er een katheter ingebracht om de afvoer van urine te doen afvloeien.

Met behulp van echografie worden er naalden in de prostaat ingebracht via het perineum (de huid tussen balzak en anus). Als alle naalden (gemiddeld 15-25) zijn ingebracht, wordt de positie van de naalden nog eens gecontroleerd met behulp van echografie en doorlichting. Via deze naalden worden vervolgens de radioactieve zaadjes ingebracht en een voor een worden de naalden weer verwijderd. Met een röntgen apparaat wordt gecontroleerd of alle zaadjes aanwezig zijn. De gehele procedure neemt ongeveer anderhalf uur in beslag. Voor de implantatie wordt u opgenomen op de afdeling urologie van het Medisch Centrum Leeuwarden. Meestal kunt u de volgende dag weer naar huis.

Bijwerkingen ten gevolge van brachy therapie

          -Soms treedt er na de implantatie een bloeduitstorting onder de balzak op: deze verdwijnt binnen enkele weken.
          -Plasklachten:  Frequentere aandrang, branderig gevoel en zwakke urinestraal.
          Om de plasklachten tegen te gaan, wordt vaak de eerste maanden een medicijn voorgeschreven. Na een half jaar tot een jaar is het plassen zoals voor de ingreep. Wanneer het plassen niet lukt,  
          moet er (tijdelijk) een blaas katheter ingebracht worden. Gedurende enkele dagen na de ingreep kan er bloed bij  uw plas zitten.
          -Soms darmklachten: Diarree, bloed en/of slijmen bij de ontlasting, ontsteking van de anus/endeldarm.
          -Stralingsschade kan ook jaren later nog ontstaan.
          -De eerste keren kan het sperma door bloed bij menging donker gerkleurd zijn. Uiteindelijk zal het volume van de zaadlozing definitief afnemen.
          -Erectieverlies: In 50-80 % van de gevallen verdwijnt de erectie na 5 jaar. Erecties verdwijnen minder snel dan bij een operatie vaak het geval is.

Stralingsvoorschriften na brachy therapie

De ingebrachte zaadjes hebben een omhulling waarbinnen het radioactieve Jodium-125 is opgesloten. Dat betekent dat er geen radioactiviteit in het lichaam vrij kan komen. De radioactieve zaadjes zitten vast in de prostaat, waardoor de straling buiten de prostaat beperkt is en eigenlijk uitsluitend voor jong kinderen en zwangere vrouwen relevant kan zijn. De stralingsactiviteit van de zaadjes halveert iedere zestig dagen. Na twee maanden is de stralingssterkte dus de helft van de oorspronkelijke sterkte; na vier maanden is er nog een kwart over, na zes maanden een achtste.

Er zijn een aantal stralingsveiligheidsvoorschriften:
-De eerste twee maanden geen kleine kinderen op schoot nemen en niet vlak naast zwangere vrouwen en kinderen zitten.
-De eerste twee maanden tijdens seksuele gemeenschap een condoom gebruiken, dit omdat er soms een bronnetje met het sperma kan meekomen.
-De eerste twee maanden door een zeefje plassen voor het geval er een zaadje uit geplast wordt. Dit zaadje kan dan bewaard worden in een speciaal loden kokertje.
-Bij overlijden binnen een jaar na het inbrengen van de bronnen heeft begraven de voorkeur boven crematie vanwege stralingshygiëne.

Controle

Na deze behandeling wordt u alternerend gecontroleerd door de radiotherapeut-oncoloog en de uroloog.

Tot slot

Deze brochure is een algemene voorlichting en is bedoeld als extra informatie naast het gesprek met uw behandelend arts. Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt u op werkdagen contact opnemen met de polikliniek urologie, telefoonnummer 0512 588811.

Literatuur

Handboek prostaatcarcinoom
Auteurs: H.A.M. van Muilekom en J.A van Spil
ISBN: 9035228316

Het prostaatkankerlogboek
Auteur: Wim Kolhier
ISBN: 978972219855

Website
www.radiotherapiefriesland.nl