Prostaat - Open prostatectomie volgens Hryntshak

Inleiding

U bent in het ziekenhuis geweest voor onderzoek. Onderzoek heeft aangetoond dat uw prostaat vergroot is. Dit geeft plasklachten. Deze klachten kunnen bestaan uit: een slechte straal, het gevoel dat de blaas niet goed leeg komt, vaak plassen en/of ’s nachts meerdere malen kleine beetjes plassen. De prostaatvergroting duwt de plasbuis dicht. Een behandeling voor de prostaat is een prostaatoperatie (prostatectomie). In deze folder wordt uitgelegd wat deze operatie precies is en hoe deze wordt uitgevoerd.

De operatie

Middels een prostaatoperatie wordt er meer ruimte gemaakt. Zo kan de plasbuis weer beter functioneren.

Eerst krijgt u een ruggenprik of algehele narcose. Vervolgens wordt er in de onderbuik een snee gemaakt. Uw blaas wordt geopend. Het prostaatweefsel wordt met de vinger losgemaakt en verwijderd. Alleen de buitenrand van de prostaat blijft achter. Daarna wordt de blaas gesloten met hechtingen die vanzelf oplossen.

Na de operatie

Na de operatie kan er nog enige tijd bloed en bloedresten met de urine meekomen. Daarom is het belangrijk dat u in de eerste weken na de ingreep goed drinkt. Na één week wordt de urine vaak ineens weer donker. Blijf dan goed drinken, dit gaat meestal na 2 dagen weer over. Zo niet dan kunt u de polikliniek urologie bellen voor advies.
Het kan enige tijd duren voordat het ophouden van de plas weer perfect lukt. De sluitspier moet wennen aan de nieuwe situatie en weer actiever worden. Dit duurt soms 4-6 weken. Ook de zaadlozing gaat anders. Het zaad gaat nu via de blaas omdat het kleine spiertje dat dit anders verhinderd, bij de ingreep kapot gaat. Impotentie treedt na de ingreep slechts tijdelijk op.
Het is verstandig om ongeveer 2 weken rustig aan te doen. Vervolgens kunt u de normale activiteiten weer hervatten, een fietsverbod of autorijverbod is er niet.

Bloedverdunners zoals Ascal moet u voor de ingreep stoppen met gebruiken. Dit gaat in overleg met uw uroloog. Er wordt met u afgesproken wanneer u dit weer mag hervatten. De urine moet dan wel eerst weer helder zijn.

Tot slot

Deze brochure is een algemene voorlichting en is bedoeld als extra informatie naast het gesprek met uw behandelend arts. Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen, dan kunt u op werkdagen contact opnemen met de afdeling urologie, tel. (0512) 588 811.