Oogheelkunde is het specialisme dat zich bezighoudt met een klein en duidelijk afgebakend vakgebied; de pathologie en de heelkunde van het oog en omliggende organen in de oogkas.
De specialist
Oogarts
De oogartshoudt zich bezig met de diagnostiek en behandeling van het oog en omringend weefsel, oogleden, traanwegen en oogkas. De oogarts heeft gevarieerde werkzaamheden: spreekuur houden, laserbehandelingen en chirurgische ingrepen zoals staaroperaties, glaucoomoperaties, scheelzienoperaties, traanweg- en ooglidcorrecties.
Orthoptist
Orthoptie wil zeggen ‘recht kijken’. Een goede samenwerking tussen de ogen is een basis voor een rechte oogstand. Door een rechte oogstand kunnen beide ogen zich zo goed mogelijk ontwikkelen. Als er iets mankeert aan de samenwerking tussen de ogen of aan de oogstand, wordt een orthoptist ingeschakeld. U heeft nog nooit van een orthoptist gehoord? Dat kan, want het beroep van orthoptist is nog tamelijk onbekend, hoewel het niet nieuw is. We hopen u via onze website de nodige informatie te geven.
De orthoptist is een paramedicus, die verantwoordelijk is voor een specifiek gedeelte van de oogheelkunde. De titel orthoptist is wettelijk beschermd. onderzoek en behandeling worden door het ziekenfonds en particuliere verzekeraars vergoed. De orthoptist is werkzaam in een oogheelkundige/ orthoptische kliniek in een ziekenhuis of in een particuliere oogartsenpraktijk. U kunt verwezen worden naar een orthoptist door een oogarts of een huisarts.
De HBO-opleiding wordt gegeven aan de Hogeschool Utrecht faculteit gezondheidszorg afdeling Orthoptie.
De orthoptist onderzoekt en behandelt:
-
Scheelzien
-
Lui oog
-
Brilafwijking
-
Dubbelbeelden
-
Hoofdpijn
-
Leesklachten
Optometrist
De optometrist (oogmeetkundige) houdt zich bezig met refractie van het oog (bril aanmeten) vooral na oogoperaties, medische aanpassing van contactlenzen en screenend oogheelkundig werk bij diabetes- en glaucoompatienten.
Techisch Oogheelkundig Assistent (TOA)
De assistent van de oogarts is verantwoordelijk voor het vooronderzoek, metingen en het verzamelen van technische data als voorbereiding op het oogartsenconsult.
Daarnaast doet de TOA aanvullend onderzoek als gezichtsveldonderzoek, OCT (Optical Coherence Tomography) en fotoscreening van het netvlies bij patiënten met diabetes mellitus.
Dit wordt deels ook gedaan door doktersassistenten.
Ook het assisteren bij sommige oogheelkundig-chirurgische ingrepen behoort tot de taak van de TOA en de doktersassistent.
Uitleg over samenwerkingsverband/maatschap
De maatschap Oogheelkunde in Drachten bestaat uit drie oogartsen. Deze maatschap is onderdeel van de Samenwerkende Oogartsen Zuidelijk Friesland. Er is een nauwe samenwerking met de oogartsen in Heerenveen en Sneek.
Doel van de Samenwerking van de oogartsen in Zuid-Friesland
In een klein of middelgroot ziekenhuis zijn vaak niet alle aandachtsgebieden van de oogheelkunde voldoende vertegenwoordigd. Superspecialisatie in de oogheelkunde wordt pas echt mogelijk in grotere samenwerkingsverbanden.
De oogartsen in Drachten, Heerenveen en Sneek hebben besloten de krachten te bundelen met als doel hoogwaardige oogheelkundige zorg in de volle breedte te kunnen aanbieden. Meer informatie over deze samenwerking.
In Nij Smellinghe zijn daarnaast nog drie orthoptisten en één optometrist werkzaam.
Er wordt gewerkt met spreekuren waarbij in een bezoek de diagnose gesteld kan worden en een mogelijke behandeling wordt ingezet. De spreekuren worden begeleid door meerdere TOA's (Technisch Oogheelkundig Assistenten), doktersassistenten en een secretaresse.
De specialisten
-
Dr. F. van Klink, oogarts, artsexamen in Leiden, opleiding tot oogarts aan het L.U.M.C. te Leiden.
-
Subspecialisaties: Cataractchirurgie, strabismuschirurgie, ooglidchirurgie, glaucoomchirurgie en cornea-immunologie.
-
H.J. Klomp, oogarts, artsexamen in Groningen, opleiding tot oogarts aan het U.M.C. St. Radboud te Nijmegen.
-
Subspecialisaties: Cataractchirurgie, strabismuschirurgie, ooglidchirurgie, glaucoomchirurgie en medische retina/PDT.
-
E.A. Timmerman, oogarts, artsexamen in Groniingen, opleiding tot oogarts aan het U.M.C.G. te Groningen
-
Subspecialisaties: Cataractchirurgie, strabismuschirurgie, ooglidchirurgie, glaucoomchirurgie, medische retina/PDT en refractiechirurgie.
Hulponderzoeken
Er is een aantal hulponderzoeken dat de specialist kan gebruiken om een goede diagnose te stellen.
OCT (Optical Coherence Tomography)
Hierbij wordt met een speciale techniek het netvlies gescand, waardoor een beeld kan worden verkregen van diverse netvliesaandoeningen.
Een OCT kan worden gebruikt voor het in beeld brengen van aandoeningen in de macula (gele vlek), afwijkingen in het grensvlak van netvlies en glasachtig lichaam en voor de meting van de dikte van de zenuwvezellaag rondom de gezichtszenuw i.v.m. de vroege opsporing van glaucoom). Het is voor de patiënt een onbelastend onderzoek en duurt slechts een tiental minuten.
Gezichtsveldonderzoek (glaucoom en andere gezichtszenuwafwijkingen)
Dit onderzoek geeft informatie over het netvlies, de oogzenuw en/of de hersenen. Het wordt vaak gebruikt voor de screening en de controle van glaucoom, maar ook voor andere afwijkingen aan de gezichtszenuw.
Tijdens het onderzoek worden de ogen afzonderlijk onderzocht. Het oog wordt afgedekt met een kapje en met het andere oog moet u kijken naar het midden van een bol waar vier markeringsstreepjes staan. In de bol verschijnen met onregelmatige tussenposen lichtjes van wisselende helderheid. Door middel van het indrukken van een knop maakt u kenbaar of u het lichtje waarneemt of niet. U blijft hierbij steeds recht vooruit kijken naar het midden van het scherm. U zult slechts een deel van de lichtjes kunnen waarnemen. Dit is normaal.
In uitzonderlijke gevallen kan het voorkomen dat de pupil te nauw is voor de uitvoering van het onderzoek. In dat geval wordt de pupil met behulp van een oogdruppel vergroot. De werking van deze oogdruppel is 1 tot 2 uur. De duur van het onderzoek varieert per oog tussen de 5 en 15 minuten. De uitslag wordt door de oogarts met u besproken of u krijgt van ons telefonisch bericht hierover.
Fluorescentie angiografie (FAG)
Als de oogarts bij onderzoek een afwijking in het achterste deel van uw ogen vermoedt, kan een fluorescentie angiografie worden gedaan.
Fluorescentie angiografie is een onderzoeksmethode waarbij foto’s van het netvlies worden gemaakt met behulp van blauw flitslicht en een speciaal fototoestel.
Een in water oplosbare kleurstof (fluoresceïne of infracyanine groen (ICG) wordt in een ader in de arm gespoten. De kleurstof verspreidt zich via de grote lichaamsader door het hele lichaam en wordt dus ook naar het oog getransporteerd. De kleurstof verspreidt zich vrij snel na inspuiting door de bloedvaten van het oogvlies. Er worden dan meerdere foto’s van het netvlies gemaakt.